EIBERGEN – Waar komt de melk nou eigenlijk vandaan? En hoe krijg je die? De basisschoolleerlingen uit groep 8 van het Sterrenpalet bezoeken vrijdagochtend de melkveehouderij van boer Harm Baak in Haarlo. Een actie van Land- en Tuinbouw Organisatie (LTO) om kinderen te leren waar de melk en de kaas vandaan komen. Dit jaar bezochten elf scholen een landbouwbedrijf in Berkelland.
Door Susanne ten Have
Voor boer Baak is het niet de eerste keer dat leerlingen een kijkje nemen op zijn bedrijf. Een leuk initiatief, zegt Baak. “Hiermee hopen we ook een positief geluid te laten horen over de landbouw. Daarnaast is het belangrijk dat kinderen kennis maken met het boerenbedrijf en het leven er omheen”, zegt hij.
De dertien leerlingen krijgen samen met meester Erik een rondleiding op de boerderij. In de grote loopstal waar de 130 koeien van boer Baak staan, maken de kinderen kennis met de koeien. Voorzichtig aaien een paar leerlingen de roodbonte dieren. Cato is één keer eerder op de boerderij geweest. “Ik vind vooral de kalfjes schattig. Ze zijn niet zo groot en je kan een hand in hun mond stoppen”, zegt ze terwijl ze een pasgeboren kalfje aait.
Baaks melkveebedrijf is voor de aanleg van de nieuwe N18 verplaatst naar de Eibergseweg. Daarmee ontstond eveneens de kans om nieuwe stallen te bouwen, met een melkrobot in plaats van een melkput. De melkrobot controleert de melk van de koeien, waardoor de boer eerder door heeft wanneer een koe ziek is. Het belangrijkste is nog wel dat de koeien minder snel antibiotica toegediend krijgen, zegt de boer. “En een ander voordeel is dat ik nu een uur langer kan slapen. Als eenmansbedrijf is dat wel prettig”, glimlacht hij.
De koeien van Baak staan het hele jaar binnen. Zomers krijgen ze twee maal per dag vers gras. Het klinkt misschien gek, maar het is beter voor het welzijn van de dieren dat ze binnen staan. “Koeien gedijen het beste bij het vriespunt. Zomers is het hier weleens te warm. De koeien gaan dan onder de bomen liggen in hun eigen mest. Daar krijgen ze weer ontstekingen van”, legt boer Baak uit aan de basisschoolleerlingen. Ondertussen loopt één van de roodbonte dames de melkrobot in. Giechelend aanschouwen de kinderen wat er voor hun ogen afspeelt. De koe laat zich rustig helpen en trekt zich niets aan van het nieuwsgierige publiek. “Wat nou als een van de koeien niet zelf de robot inloopt?”, vraagt een van de leerlingen. “Dan haal ik die koe op. De computer registreert alles, dus ik weet welke koe nog gemolken moet worden”, antwoordt Baak.
Ook Cato is net als de andere leerlingen enthousiast over hun bezoekje aan de boerderij van boer Baak. Maar wonen op een boerderij is niet haar ding. “Het lijkt mij niet zo leuk als werk. Ik wil liever iets met turnen doen”, zegt de toekomstige Sanne Wevers. Niet alleen de dieren op de boerderij zijn interessant. De plastic balen met hooi zijn een perfect klimtoestel voor de leerlingen. “Het is hier een speelparadijs”, roept een leerling. De rest klimt vrolijk op de balen nadat ze toestemming krijgen van boer Baak. “Als jullie er maar niet tussen schieten”, zegt hij.
Als afsluiter laat boer Baak de kinderen het eindproduct proeven. De vla gaat er in als pap. Als laatste vraag stel Kikki een wel hele bijzondere. “Kunnen de koeien nog meer dan melk geven? Kunstjes bijvoorbeeld? Wij willen ze die anders wel leren en dan komen we elke vrijdag hier oefenen.” Boer Baak kan er om lachen.
(Bron: Achterhoek Nieuws d.d. 6 november 2016)
